Differentiëren in de wiskundeles

Differentiëren in de wiskundeles, hoe doe je dat?

Over het nut van differentiëren in de les is al veel geschreven en voor meer informatie over nut en noodzaak van differentiëren verwijs ik naar de artikelen van SchoolaanzetKPCGroep en Delta. Hoe pak je zoiets praktisch aan? Bij differentiëren komen allerlei lastige vragen voorbij waarop je een antwoord moet hebben voordat je verder kunt.

Wie zijn je leerlingen?

Ik geef wiskunde aan alle 1e-jaars vmbo-ers, drie klassen.

Hoe heb je de leerlingen ingeschaald?

Alle 1e-klassers heb ik opgedeeld in niveaugroepen: groen (20% van de zwakste leerlingen), geel (de middenmoot, 60%) en blauw (de 20 procent leerlingen die meer uitdaging nodig hebben).

Waarop baseer je de indeling?

Op een combinatie van rapportcijfers en/of cito-scores.

Hoe weten de leerlingen in welke groep ze zitten?

Dat staat op de klassenplattegrond.

Zitten leerlingen met gelijke niveaus bij elkaar?

Nee, ik heb er bewust voor gekozen om de niveaus te mengen.

Hoe zorg je ervoor dat de sterke leerlingen niet ver vooruit lopen op de rest van de klas?

De leerlingen die snel door de stof heen gaan, geef ik de lastigere opdrachten. Of ik laat ze doorwerken met de havo-opdrachten.

Als je de sterke leerlingen moeilijkere opdrachten geef, geef je de zwakke leerlingen dan makkelijker opdrachten?

Nee. De zwakke leerlingen zullen ook het basisniveau moeten halen.

Hoe halen de zwakke leerlingen het gewenste niveau?

De zwakke leerlingen krijgen meer huiswerk mee. Uiteindelijk maken ze dezelfde opgaven als de middenmoters.

Hoe bespreek je de opdrachten klassikaal als alle leerlingen verschillende opdrachten maken?

Er zit een grote overlap in de opdrachten van de zwakke groep (groen) en de middenmoters (geel). Ik bespreek opdrachten die representatief zijn voor de paragraaf.

Differentieer je ook in huiswerk?

Groen Geel Blauw
Maken in de les §6.2: opdr. 30, 31, 32 §6.2: opdr. 30, 31, 32 §6.2: opdr. 31, 34, 35
Huiswerk §6.2: opdr. 33, 34, 35, 36 §6.2: opdr. 35, 36 §6.2: opdr. 37, 38, 41

Ja. Wij geven huiswerk op in SOMtoday; daarin zet ik voor elke groep wat het huiswerk is.

Hoe zit het met toetsen?

De toetsen worden afgenomen op één niveau. Wat de toetsen betreft is daarbij de vraag: haalt de leerling het vereiste basisniveau?

Wat vinden de leerlingen ervan?

Ik had verwacht dat de leerlingen zich gelabeld zouden voelen. Dat bleek gelukkig niet waar te zijn; leerlingen hebben het systeem snel door en vinden het vanzelfsprekend dat niet iedereen dezelfde opdrachten krijgt. Overigens zijn de ouders (niet onbelangrijk!) óók tevredener.